Maagklachten en: waarom u het ouderwetse ‘bittertje’ weer uit de kast mag halen

OVERIJSSEL - Er is ongelooflijk veel te vertellen over voeding. Bijvoorbeeld over hoe we gezond kunnen eten. Over de manier waaróp we eten valt ook veel te zeggen. Hier wil ik er graag één aspect uitlichten. De relatie tussen kauwen en maagklachten.

Zoals ik vorige keer vertelde, is ons lichaam nog steeds zo afgesteld als dat van onze voorouders. Dus is het altijd zinvol om te kijken naar het verleden. Onze voorouders aten pas in de loop van de ochtend, nadat ze uren hadden lopen jagen en verzamelen. De geur van vuurtjes en geroosterd vlees hing vervolgens lang boven het kamp voordat er (gezamenlijk) gegeten werd. Door de beweging en de lange voorbereiding, was de spijsvertering goed voorbereid op voeding. Voor de maaltijd zelf was veel tijd; de rest van de dag hoefden ze immers niet meer op pad.

Wij kunnen daar veel van leren. Onze spijsvertering heeft baat bij voorbereiding. Door de geur van de eerste gebakken uitjes krijgt de spijsvertering een enorme impuls. Je maag en je alvleesklier beginnen alvast spijsverteringssappen af te scheiden. Het is daarom niet zo’n goed idee om snelle kant-en-klaarmaaltijden uit de magnetron op het bord te schuiven. Je maag schrikt zich bijna letterlijk het apezuur. Zelf koken en daar de tijd voor nemen is dus ideaal. Beweging voordat je gaat eten ook. Maar als dat niet kan, kun je je maag ook voorbereiden door een uurtje voor de maaltijd een kruidenbittertje te nemen. Een koffielepeltje is genoeg. Daarna rustig eten, goed kauwen op elke hap en niet met volle mond praten. Dat zorgt ervoor dat je eten in kleine brokjes in je maag aankomt, zonder lucht en al goed vermengd met spijsverteringssappen uit je mond. Bij mensen die hun eten na twee keer kauwen doorslikken, plonsen grote onvoorbereide brokken samen met lucht in hun maag. Gevolg is een opgeblazen gevoel, misselijkheid en ‘zuur’. 

Dat zuur is meestal iets anders dan maagzuur. Doordat het veel langer duurt om de grote brokken te verteren, begint het eten al te rotten voordat het klein genoeg is om verder te gaan naar de darmen. Rottingssappen kunnen terugstromen naar de mond, wat mensen als maagzuur ervaren en waarvoor ze een maagzuurremmer gaan gebruiken. Maar een maagzuurremmer remt de aanmaak van het maagzuur, waardoor de vertering nóg langzamer verloopt. Bovendien kunnen vitamines en mineralen veel minder goed opgenomen worden met weinig maagzuur. Kortom, de spijsvertering is heel makkelijk te ontregelen, maar u kunt er zelf veel aan doen om deze vrij gemakkelijk te herstellen! Kijk ook op www.esterbertholet.com

Ester Bertholet
Ouderengeneeskundige

Meer berichten